0

Het Qinino™ ingrediënt

Een ontdekking van Nederlandse bodem
Het Qinino™ ingrediënt

“Eureka in de composteerbak”

Tjeu Rietjens Ontdekker Qinino

Tjeu Rietjens, huisarts (gepensioneerd)

In 2015 ontdekt Tjeu Rietjens, huisarts in Weert, de unieke werking van de combinatie chitosan en nitraat. Later krijgt deze combinatie de naam ‘Qinino’.

Na altijd veel bezig te zijn geweest met composteren valt het hem op dat bij het werken met een bepaald type compost extract hij warme handen krijgt. Hij vermoedt dat er een link is met het type compost en verdiept zich in de samenstelling ervan.

Vele jaren aan speurwerk in de wetenschappelijke literatuur en zelf experimenteren aan de keukentafel, in combinatie met zijn medische achtergrond brengen hem uiteindelijk tot de uitvinding.

Het is het nitraat in combinatie met chitosan uit champignons dat met behulp van bacteriën zorgt voor de aanmaak van Nitric Oxide. Met als gevolg warme handen.

Een bijzondere ontdekking die vooralsnog nergens in de wetenschappelijke literatuur beschreven staat. Het avontuur is begonnen.

Hoe werkt het Qinino™ ingrediënt?

…stimuleert de symbiose tussen mens en bacterie

Onder normale omstandigheden werken mens en bacterie nauw met elkaar samen. Bacteriën blijven in leven doordat ze door ons gevoed worden en wij blijven gezond door de stoffen die goede bacteriën uitscheiden. Deze harmonische samenwerking wordt symbiose genoemd en is al zo oud als de mensheid.

Soms raakt de samenwerking tussen mens en bacterie verstoord. Dit wordt ook wel dysbiose genoemd. Dit kan verschillende klachten geven. Zo kan dysbiose in de darmen onder andere leiden tot een opgezette buik, afwijkende ontlasting en zelfs tot het ontstaan van vermoeidheidsklachten of depressiviteit. Op de huid kan dysbiose leiden tot onder andere roodheid en jeuk. 

Om klachten te voorkomen en bestaande klachten te verminderen, is het dus belangrijk om het ecosysteem tussen mens en bacterie in goede conditie te houden. De prebiotische en postbiotische functie van Qinino™ draagt hieraan bij. 

…als pre- en postbioticum

Het Qinino™ ingrediënt bestaat uit twee natuurlijke stoffen: chitosan en nitraat. Chitosan is afkomstig van chitine, een bouwstof die van nature voorkomt in onder andere champignons en schaaldieren. In Qinino™ zit chitosan afkomstig van champignons verwerkt. Nitraat is een stof die veel voorkomt in groen voedsel, zoals spinazie en andijvie, maar ook rode bieten bijvoorbeeld zijn rijk aan nitraat.  

Zowel chitosan als nitraat hebben een prebiotische werking: ze zorgen voor de groei van goede bacteriën op de huid waardoor het microbioom weer in balans kan komen.

Daarnaast heeft de combinatie chitosan-nitraat een postbiotische werking. Met postbiotica worden stoffen bedoeld die geproduceerd worden door goede bacteriën. In het geval van Qinino™ worden goede huidbacteriën gestimuleerd nitraat om te zetten naar de stof ‘nitriet’. Het menselijk lichaam kan vervolgens nitriet omzetten in het antioxidant Nitric Oxide (NO)

Qinino™ maakt dus op verschillende manieren gebruik van de natuurlijke samenwerking tussen mens en bacterie.  

…de rol van nitraat

Qinino™ is uniek omdat het de eigenschap heeft dat het lokaal én van buitenaf de aanmaak van het krachte antioxidant Nitric Oxide (NO) stimuleert. Hoe dat precies werkt, daarvoor moeten we de diepte in.

Van nitraat naar nitriet naar Nitric Oxide (NO)

Overal in het menselijk lichaam wordt NO geproduceerd. Dit proces vindt plaats via de zogenaamde enzymatische route. Er is echter ook een alternatieve manier om tot NO te komen en wel via de nitraat-nitriet-NO route. Voor deze laatste route spelen bacteriën een essentiële rol. 

Nitraat zit vooral in groene bladgroenten zoals sla en spinazie. Nitraat is een inactieve stof, dit betekent dat het lichaam hier niets mee kan doen. Het grootste deel van het nitraat verlaat dan ook via de urine weer ons lichaam. Een klein deel komt echter via het speeksel in de mond terecht waar het door bacteriën wordt omgezet in nitriet. Nitriet is een actieve stof en kan wel door het lichaam worden gebruikt. Het kan onder andere worden omgezet in NO. 

Nitraat-reducerende bacteriën

De bacteriën die in staat zijn om nitraat om te zetten in nitriet worden ‘anaerobe nitraat-reducerende bacteriën’ genoemd. Deze bacteriën bevinden zich op plaatsen waar weinig tot geen zuurstof aanwezig is (anaeroob); zoals diep in de huidporiën, de mond, de dikke darm en nog meer plaatsen. Waar de mens zuurstof nodig heeft om te kunnen ademen, kan dit type bacterie nitraat gebruiken om te ademen. Bij het onttrekken van zuurstof uit nitraat door bacteriën, wordt nitriet geproduceerd. Zoals gezegd kan de mens nitriet wel gebruiken en omzetten in NO. 

…de rol van chitosan als transportmiddel

Om nitraat om te zetten in nitriet moet het bij de juiste bacteriën komen. De bacteriën die dit kunnen zitten diep in de huid of in het lichaam, op plaatsen waar weinig tot geen zuurstof te vinden is. Doordat nitraat een negatief geladen stof is komt het niet zomaar terecht bij bacteriën die in een negatief geladen omgeving zitten. 

Hier komt chitosan om de hoek kijken. Chitosan beschikt over uitstekende eigenschappen. Zo is het een positief geladen stof en kan daardoor negatief geladen stoffen (zoals nitraat) aan zich binden. Daardoor kan het dienen als transporter van nitraat. Deze eigenschap van chitosan wordt in de medische wereld veel meer gebruikt om medicijnen te transporteren in het lichaam. 

De binding van nitraat aan chitosan is dus wat Qinino™ zo bijzonder maakt. Waar Qinino™ zuurstof biedt aan goede bacteriën, stellen diezelfde bacteriën de mens in staat om van nitriet lokaal NO te vormen. 

Winkelmand